maandag 29 september 2014

DOE MIJ MAAR EEN BURGERINITIATIEF!

CIMG0413

Bestuurlijke dialoog
Vrijdag 19 september 2014 organiseerde het Ministerie van BZK samen met de gemeente Almere een bestuurlijke dialoog over risico’s bij burgerinitiatieven. Onder leiding van professor Ira Helsloot (Radboud Universiteit) gingen de wethouders uit diverse gemeenten als Alphen aan den Rijn, Nieuwegein, Brockhorst, Leeuwarden, Zutphen en Hattem met elkaar het gesprek aan. Want prachtig hoor, die maatschappelijke activiteiten. Maar mogen burgers vrijwillige extra risico’s nemen, dragen zij dan daarvoor ook zelf de verantwoordelijkheid, en wat betekent dat voor de rol van de overheid?
RisicoRegelReflexen
Ira Helsloot nam eerst de aanwezigen mee in de wondere wereld van deRisicoRegelReflexen (RRR). Dat is het mechanisme om extra veiligheidsmaatregelen te nemen na incidenten en rampen. Wetten worden aangepast en uitgebreid, regels, procedures en protocollen worden aangescherpt en gecontroleerd, certificaten en keurmerken getoetst, en handhaving en inspecties krijgen meer prioriteit. Maar hoeveel meer veiliger kunnen we het maken? Wat gaat die meeropbrengst dan kosten en zijn er geen (onvoorziene) “bijwerkingen”? 
2013-04-09 10.14.06Kosten van een keuring
Almere bijvoorbeeld heeft “last” van de RRR als bewoners zelf speeltoestellen en andere speelobjecten plaatsen in de openbare ruimte. Het WAS schrijft voor dat dergelijke speelinitiatieven veilig moeten zijn voor kinderen en dus stuk voor stuk gekeurd moeten worden. Die keuring moet gebeuren door een erkende instantie, een zogenaamde AKI. De kosten per keuring zijn gemiddeld Euro 1.500 en wie gaat dat dan betalen? De bewoners, want het is hun speelinitiatief?
‘t Zorghuus Ysselsteyn
Voor veel maatschappelijke initiatieven is meer regelgeving en toezicht hinderlijk; soms worden de activiteiten van burgers disproportioneel getroffen door de gevolgen van de RRR. Bijvoorbeeld het kleinschalige woon-zorg initiatief ‘t Zorghuus in de kern Ysselsteyn, Venray, dat voor de Inspectie aan dezelfde kwaliteitseisen moet voldoen als een grote zorginstelling. Daardoor is er direct minder tijd (en geld) beschikbaar voor de persoonlijk zorg van de bewoners in ‘t Zorghuus. Nog afgezien van de last die men heeft van al dat regelwerk.
jvw-20100430-0379Inzicht in RRR beheersing
Krachten die meer RRR opleveren zijn onder meer: veiligheid boven alles, angst voor maatschappelijke onrust, focus op de schuldvraag (via de media), voortgroeiende professionalisering, angst voor aansprakelijkheid en bestuurlijke verantwoordelijkheidsgevoel. De RRR wordt afgeremd door o.a. bestuurlijke moed, vertrouwen in de samenleving, integrale afweging door bevoegd gezag en risico-vergelijking. Ira Helsloot geeft ook aan dat meer betrokkenheid van burgers het veiligheidsgevoel meer of beter vergroot dan meer inzet van professionals.
Wensen van wethouders 
Diverse wethouders gaven in de bestuurlijke dialoog aan dat zij behoefte hebben aan een goed afwegingskader, waarbij waarde en belang van een burgerinitiatief naast risico-inschatting gelegd kan worden. In de publicatie “Regel die Burgerinitiatieven” geven wij hier een eerste opzet voor, met de quickscan burgerinitiatieven (zie bijlage). Ook vonden de wethouders het lastig vast te stellen wat nu eigenlijk een maatschappelijk initiatief is. Ten slotte bestaat dat niet in de juridische zin van het woord. Kan de Rijksoverheid hier niet in voorzien, zo vroegen zij? Concreet betekent het dat er naast privépersonen en bedrijven een derde categorie gemaakt worden, de collectieve initiatieven in het publiek domein. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, want is een maatschappelijke ondernemer meteen een bedrijf? Of een zorgcoöperatie?
CIMG0051Kiezen van juridische strategieën
In bovengenoemde publicatie “Regel die Burgerinitiatieven” noemen wij zes juridische instrumenten die overheden nu al tot hun beschikking hebben, als zij omgaan met burgerinitiatieven. Dat zijn: vergunnen, overeenkomen, verbieden, samenwerken (adopteren), aanpassen en gedogen. Deels publiekrechtelijk, deels civielrechtelijk, deels meer uitvoeringsgericht zijn deze op te vatten als strategieën, die ruimte geven om maatschappelijke initiatieven te ondersteunen en mogelijk te maken.
Het is dan wel afhankelijk welke keuzes de gemeente zelf maakt, en in hoeverre het initiatiefnemers echt makkelijker wordt gemaakt (want die ingewikkelde wetten en regels…). Dus eenvoudige contracten en vergunningen, slimme samenwerking om risico’s weg te nemen, en soms ook afzien van naleving van regels (gedogen). Ook blijkt het belangrijk te zijn om een onderscheid te maken tussen de doorwinterde burger die een eigen activiteit (opnieuw) begint en de enthousiasteling die voor het eerst een maatschappelijk initiatief start. Ervaringsgegevens helpen bij het inschatten van risico’s, misschien op dezelfde manier als verzekeringsmaatschappijen schadevrij zijn (en blijven) waarderen.
Experiment Verordening Burgerinitiatieven
Een maatschappelijk initiatief, in de zin van wetten, regels en dergelijke, volgt volgens mij ook uit de precieze keuzes van juridische instrumenten die de gemeente maakt voor burgerinitiatieven. Dan is een aparte juridische entiteit niet nodig, een burgerinitiatief is zoals het gerealiseerd wordt met de zes strategieën. Nieuwe initiatieven kunnen dan op eenzelfde manier behandeld worden, terwijl er ook ruimte is om af te wijken. Maar gemeenten hebben ook een eigen bestuurlijke mogelijkheid, namelijk de gemeentelijke verordening. Zo’n Verordening Burgerinitiatieven noemen we in de publicatie “Regel die Burgerinitiatieven” een te beproeven vorm, een experiment. Want zoiets bestaat op dit moment nog niet in Nederland. In de Leerkring “Regelen of Ruimte Geven” die Maarten Bosman en ik opgezet hebben, gaan we op het experiment Verordening Burgerinitiatieven in.
CIMG0541Voor meer informatie en vragen over het BZK programma Risico’s en verantwoordelijkheden en de bestuurlijke dialoog, neem dan contact op met mevrouw Nel de Wilde, email nel.wilde@minbzk.nl.
Om meer te weten over juridische kwesties, risico’s en maatschappelijke initiatieven, ook wat betreft genoemde publicatie, trainingen en leerkring, neem gerust contact op met Mark Verhijde, email mark.verhijde@gmail.com, mobiel +31 652653005.

vrijdag 29 augustus 2014

SOCIALE KRACHT IN DE HOVEN, ZUTPHEN


BoerKip-8-dagkr-AKarst Rauhé en Sanne van der Drift, de twee studenten van het Kennislab voor Urbanisme voor de korte opdracht de Hoven Zutphen, presenteerden op woensdag 4 juni hun bevindingen. Als hun begeleider was ik er natuurlijk bij. De centrale vraagstelling van de gemeente Zutphen was wat de sociale kracht van de wijk de Hoven was. Maar hoe kom je daar achter?
Vooraf had het groepje rond het Kennislab Kort al nagedacht wat nu precies “korte opdrachten” zijn. De aandacht ligt dan vooral op de Wat-vraag en de Hoe-vraag. Voor De Hoven: wat is de situatie nu en wat kan het worden? Hoe kun je van de huidige situatie naar het gewenste toekomstige beeld?
Het plan van aanpak van Sanne en Karst bood ruimte om zelf veldwerk te doen, ofwel gewoon te dwalen in De Hoven en mensen te spreken, maar ook – en als gevolg van die indrukken en verhalen – de bestaande feiten en cijfers rond het bijzonder buurtschap aan de andere kant van de rivier met nieuwe ogen te bezien.
DSC_0886Wat eerst voor hen een wijkje was, met veel verkeersstromen en weinig voorzieningen, veranderde in amper twee maanden tijd tot een fascinerend dorp met evenzo speciale mensen. Dat nieuwe perspectief hebben zij omgezet in een scherpe SWOT-analyse. Sterke kanten van de Hoven zijn onder meer: de krachtige sociale structuren, zowel in formele zin zoals blijkt uit het uitgebreide verenigingsleven, als in informele zin. Omdat het dorp steeds een beperkte uitbreiding gekend heeft, levert de stedenbouwkundige structuur een prachtig opdeling in “jaarringen” op. Dat heeft ook gevolgen voor de bewoners zelf. Oorspronkelijke “heufse” bewoners herinneren zich nog hoe het leven vroeger was en naarmate mensen wonen in nieuwe delen van het dorp komen er ook andere verbanden voor in de plaats.
Een andere kracht van De Hoven is het ondernemende karakter. Hoewel voorzieningen grotendeels verdwenen zijn, vonden Karst en Sanne een aantal ondernemers die speciaal voor het buurtschap gekozen lijken te hebben voor hun bedrijfshuisvesting. De ondernemers achter Bo-El Guitars en Schoonwater Exclusief Parket kiezen voor De Hoven, omdat hun klanten doelgericht naar hun winkel komen. Zij ervaren niet dat mensen komen kijken zonder iets te kopen, zoals ondernemers in de binnenstad, wat weer scheelt in kosten voor winkeloverzienend personeel. Dit gecombineerd met de bereikbaarheid en een goede website maken De Hoven een ideaal vestigingsklimaat. Ook nieuwe bedrijven, inclusief ZZP-ers doen het goed in het dorp: van de 32 starters tussen 2008-2012 is geen enkele failliet gegaan.
DSC_0916Ten slotte observeren Sanne en Karst de toeristisch-economische kracht van De Hoven. Voor het museum Boer Kip komen bezoekers in groepen van wel 30 mensen kijken. De sterke IJsseloever en de recreatieve mogelijkheden trekt veel mensen van buiten, vooral ook als de aanwezige kunst en kunstenaars ontdekt worden. De Hoven is eigenlijk een sterk merk, zo constateren de studenten, met veel kansen voor de mensen en de nabije stad Zutphen. In de discussie met de groep ambtenaren van de gemeente kwam de vraag aan bod of De Hoven wel een wijk is… Spontaan werd voorgesteld om de dorpsstatus weer zichtbaar te maken, wat een enorme impuls aan het zelfvertrouwen van de Hovenaren kan geven.
Hoe ga je als gemeente met het dorp om? Want, zo geeft men aan, in de gesprekken zien we steeds twee gezichten bij de bewoners. Aan de ene kant een sterk gevoel van kracht en verbondenheid, aan de andere kant een afhankelijkheid van die grote stad. Dat de manier van omgaan stoelt op de sociale kracht van het dorp, betekent natuurlijk ook dat je als gemeente de relatie moet aangaan en moet durven onderhandelen!
Gaat er dan niets mis in het dorp? Sanne maakt duidelijk dat de komende vergrijzing makkelijk tot sociale problemen kan leiden. De kunst is dan natuurlijk niet om die problematiek en de mogelijke oplossingen uit de handen van De Hoven te halen, maar juist hen aan te spreken op hun eigen verantwoordelijk en ondernemerschap. Zelf laten doen en ernaast blijven staan, dat is de opgave. De prachtige poster van de resultaten van de zoektocht van Karst en Sanne kun je opvragen bij het Kennislab voor Urbanisme, door een email te sturen naar j.wesselink@elba-rec.nl. Stiekem is die poster zelf ook een zoektocht voor iedereen die geinteresseerd is in de Hoven.
2014-04-22 16.08.22De korte opdracht De Hoven Zutphen is uitgevoerd door het Kennislab voor Urbanisme. Spreekt zo’n korte opdracht van het Kennislab voor Urbanisme jou ook aan? Neem dan contact op met Jan-Willem Wesselink, email j.wesselink@elba-rec.nl of telefonisch +31 (0) 6 286 384 26.

DREAMTEAMSESSIES IN DE FABRIEK DEVENTER


SAMSUNGHoe kun je startende ondernemers helpen? 
De Fabriek Deventer, een netwerk van zelfstandigen en freelancers die gezamenlijk een netwerkkantoor exploiteren, heeft hiervoor een praktisch instrument beschikbaar, wat we de Dreamteamsessie noemen. In zo’n Dreamteam zitten 3 tot 5 “Fabriekers” die hun kennis en expertise beschikbaar stellen en de startende ondernemer in een uur en een kwartier concreet verder helpen. Vrijdag 25 april hielpen we zo zes ondernemers. In deze blog leg ik uit hoe dat is bevallen, bij de zes starters en bij de Dreamteamleden.
Methodiek
Vooraf stuurt de startende ondernemer zijn of haar vraagstelling toe, zodat de Dreamteamleden zich kunnen voorbereiden. Iedere sessie bestaat uit drie delen. Eerst gaan we in op die vraag om te bepalen wat – vanuit ondernemersperspectief bezien – nu eigenlijk de “echte” vraag is. Samen met de ondernemer formuleren we deze zo scherp mogelijk. Daarna kunnen alle Dreamteamleden zo breed mogelijk reageren, zij mogen er van alles en nog wat bij halen, als zij denken dat het de echte vraag van de ondernemer kan helpen. Ten slotte wordt er 1 oplossing gekozen om in korte tijd zo concreet mogelijk uit te werken. De sessie wordt geleid door een gespreksleider en alles dat belangrijk is wordt opgeschreven (whiteboard of flap). De foto’s die hiervan gemaakt worden krijgt de ondernemer nog dezelfde dag toegemaild.
SAMSUNGZes ondernemers
De startende ondernemers die op vrijdag 25/4 centraal staan in de Dreamteamsessies hebben zeer verschillende achtergronden en ondernemersvragen. Zo blijkt een architect een uitstekend marketinginstrument in handen te hebben, maar beschouwt dat als een (te verkopen) product. Zijn verdienmodel is echter zijn expertise dat voor iedere klant duidelijk wordt juist door zijn marketingconcept. Of de ondernemer die personal styling aan de man, of beter, aan de vrouw brengt, en erachter komt dat haar klanten niet alleen die vrouwen zijn, maar ook de modewinkels, kappers en persoonlijke verzorgingswinkels. In feite biedt zij vrouwen eenzelfde ervaring als een saunabezoek, maar dan met mode en kleding. Een andere ondernemer heeft de ambitie om een landelijk platform voor uitwisseling van Nederlandse en Duitse jongeren op te zetten, maar ziet als grootste hobbel de bestaande, weinig toeschietelijke instituten. Terwijl met zijn ondernemerschap er juist veel te bereiken is zonder die instituten.
Die echte vraag
De Dreamteamleden zelf genieten van de kans om mee te denken en worden letterlijk begeestigd door de aangedragen opgaven. Zo komt de ondernemer van het Deventer Muziekhuis met de vraag hoe hun businessmodel duurzaam en winstgevend gemaakt kan worden, niet alleen voor de huidige situatie – zij zijn tijdelijk gehuisvest in het oude Geertruidenziekenhuisgebouw – maar ook in de toekomst. Nu is het muziekhuis een plek voor docenten en leerlingen, op een bijzondere plek die draait om muziek maken. Het Dreamteam vraagt zich af of het muziekhuis niet ook de plek kan zijn om plaatjes te draaien, om specifieke optredens en thema’s te houden – jazz wordt nadrukkelijk genoemd, of gewoon een fijne muzikale ontmoeting te hebben. Waarom is de landelijk record store day in de boekhandel Praamstra en niet in het muziekhuis? En hoe zit het met de 2e hands cd en lp markt, kan dat ook niet daar georganiseerd worden? Zo wordt het muziekhuis een community van veel meer dan docenten en leerlingen.
2013-03-05 12.42.29Terugkomdag
Op vrijdagmiddag 5 september organiseren we een terugkomdag voor alle startende ondernemers die meegedaan hebben aan een Dreamteamsessie. Wij zijn nieuwsgierig wat er met alle input die zij gekregen hebben gebeurd is en of het hun business verder geholpen heeft. Want iedere ondernemer gaf na afloop van een Dreamteamsessie aan dat er wel heel veel informatie en inzichten over tafel gegaan was. Daar mee aan de slag gaan, dat gebeurt nu.
Alleen voor starters?
Natuurlijk zijn de Dreamteamsessies niet voorbehouden aan startende ondernemers, iedere ondernemer kan met een vraag of probleem de hulp van een Dreamteam inroepen. Maar anders dan bij starters zijn daar wel kosten aan verbonden, op de website van De Fabriek Deventer vind je meer informatie. Zin in een Dreamteam? Meld je aan via info@fabriekdeventer.nl

donderdag 28 augustus 2014

LEREN OVER AANSPRAKELIJKHEID EN DE PARTICIPATIESAMENLEVING


Hier vindt u ons meest recente overzicht van workshops, trainingen en adviestrajecten op de thema's aansprakelijkheid bij burgerinitiatieven, burgerkracht en de Participatiesamenleving
Boek “Regel die Burgerinitiatieven”
Burgerinitiatieven en aansprakelijkheidIn 2013 onderzocht ik samen met Maarten Bosman in opdracht van het Ministerie van BZK hoe gemeenten omgaan met maatschappelijke initiatieven, als het gaat om het inschatten van risico’s en aansprakelijkheid. Het resultaat is verschenen bij Acquire Publishing in boekvorm, “Regel die Burgerinitiatieven” en met deze link te bestellen. De digitale versie kunt u hier downloaden. Naar aanleiding van “Regel die Burgerinitiatieven” geven wij workshops, trainingen en adviezen op de thema’s aansprakelijkheid bij burgerinitiatieven, burgerkracht en de Participatiesamenleving.
Crashcourse “Aansprakelijkheid bij Burgerinitiatieven”
Met Platform 31 verzorgen we in november 2014 de Crashcourse “Aansprakelijkheid bij Burgerinitiatieven”. De Crashcourse duurt een dagdeel en is bijzonder geschikt voor iedereen die op een makkelijke en snelle manier kennis wil maken met de juridische wereld rond risico’s en aansprakelijkheid bij burgerinitiatieven. Meer informatie en aanmelden bij Platform 31, contactpersoon Hanneke Schreuders, telefoon 06-17854853 of 070-3028484 en email hanneke.schreuders@platform31.nl
Leerkring “Regelen of Ruimte Geven”
2014-03-22 13.32.02Voor verdieping rond het thema Aansprakelijkheid bij Burgerinitiatieven, ook op basis van uw eigen praktijksituaties, bieden wij de Leerkring “Regelen of Ruimte Geven” aan. De Leerkring bestaat uit drie bijeenkomsten (3 dagen) en start in het najaar van 2014. Hij is bedoeld voor gemeenten, maatschappelijke instellingen en actieve burgers die echt werk willen maken van hun burgerinitiatieven als dragers van de Participatiesamenleving. Zo gaan we niet alleen in op de juridische en procesmatige aspecten, maar ook verkennen we alternatieven en bijzondere experimentele vormen. Want wat betekent regelen en ruimte geven voor uw situatie? De Leerkring staat nadrukkelijk in het teken van het bedienen van maatschappelijke initiatieven en de Participatiesamenleving, zowel in de fysieke buitenruimte als in het sociale domein. In deze folder kunt u meer lezen over de Leerkring. Verdere informatie en aanmelden kan bij Mark Verhijde, email mark.verhijde@gmail.com en telefoon 06-52653005.
DIY contracten 
Bewoners en maatschappelijke ondernemers dagen wij uit om zelf aan de slag te gaan met die juridische wereld van overeenkomsten en afspraken. Onze ervaring is dat deze contracten vaak vol staan met bepalingen die u zeggen wat niet mag en nodeloos ingewikkeld zijn, ook wat betreft juridisch taalgebruik. Maar waarom afhankelijk zijn van uw gemeente als het gaat om contracten en regelingen? Dat kunt u natuurlijk ook zelf en in begrijpelijk Nederlands. Wij helpen u graag op weg. Neem hiervoor gerust contact op met Mark Verhijde, email mark.verhijde@gmail.com en telefoon 06-52653005.
Burgerinitiatieven en gemeentelijk beleid
Bent u ook van mening dat de burgers meer verantwoordelijkheden moeten nemen en dat de gemeente niet meer alles regelt? Weet u niet precies hoe die burgerkracht te activeren is? Hoe uw gemeentelijke organisatie daar bij kan aansluiten? Maar ook: hoe u effectief ruimte kunt geven, zodat burgerinitiatieven de kans krijgen om hun bijdrage aan de Participatiesamenleving te geven? Hiervoor bieden we verschillende adviestrajecten aan.
1. Eigen Kracht
  • Versterken van de kracht, vitaliteit en ondernemerschap van de samenleving in uw gemeente, op dorps- en wijkniveau
  • Specifieke aandacht voor koplopers en achterblijvers, wederkerigheid, elkaar helpen en andere kleinschalige arrangementen rond zorg en welzijn
  • Stimuleren van diverse vormen van zelfbeheer activiteiten in de publieke ruimte en gebouwen

2. Gemeente in beweging
  • Versterken van de nieuwe visie op burgerparticipatie en burgerkracht
  • Opstellen van een “beleidsmatige” vertaling, van aangepaste procedures en protocollen tot en met beleid burgerinitiatieven
  • Optioneel: onderzoeken hoe “regelvrij” en flexibel de bestaande juridische kaders kunnen worden opgevat, als het gaat om ruimte geven aan maatschappelijk ondernemerschap en burgerinitiatieven
  • Begeleiden en trainen van uw medewerkers op een nieuwe houding, competenties en vaardigheden, o.a. onderhandelen met burgers

3. Verbinden en elkaar helpen
  • Versterken van de verbindende en bedienende kracht van uw gemeente richting samenleving
  • Verkennen van nieuwe vormen van samenwerken tussen gemeente en actieve burgers
  • Afspraken maken over een nieuwe duurzame samenwerking met de lokale samenleving

CIMG0131De onderdelen Eigen Kracht en Gemeente in Beweging kunnen apart uitgevoerd worden, maar het is ook mogelijk om het geheel als een programma uit te voeren. De programmatische aanpak zorgt ervoor dat samenleving en gemeente gezamenlijk en in duidelijke stappen toewerken naar die nieuwe Participatiesamenleving, specifiek toegesneden op uw situatie.  
Indien u ook aan de slag wilt gaan met burgerkracht, maatschappelijke initiatieven en de gevolgen voor uw gemeente, neem dan vrijblijvend contact op met Mark Verhijde, email mark.verhijde@gmail.com en telefoon 06-52653005. Ik zie uit naar een persoonlijk gesprek om de verschillende activiteiten verder toe te lichten.

donderdag 27 maart 2014

KENNISLAB VOOR URBANISME – DE HOVEN ZUTPHEN

2014-03-25 09.28.10

Zutphen, 25 maart 2014. Vandaag start de korte opdracht van het Kennislab voor Urbanisme over de wijk De Hoven. De twee studenten Karst Rauhé (RO en Planologie) en Sanne van der Drift (Sociologie) gaan gedurende twee maanden veldwerk doen in de Hoven. 
Als echte onderzoekers / journalisten / toeristen gaan zij proberen te achterhalen wat de wijk en haar bewoners nu zo bijzonder maakt. Want bijzonder, dat is het wel, zo aan de andere kant van de rivier. Dat is ook het centrale uitgangspunt van de gemeente Zutphen: De Hoven lijkt echt anders dan andere wijken die zij herbergen. Deels ligt dat aan de geschiedenis, deels aan de ligging en functie, maar ook (en vooral denken wij) aan de bewoners en ondernemers.
Karst en Sanne gaan dat anders zijn, dat unieke, proberen te vangen. Dat doen zij door verhalen op te halen van bewoners, gebruikers en bezoekers. Door kenmerkende en alledaagse plekken te ontdekken en vast te leggen in beelden. Dwalen door de straten van De Hoven, toevallige ontmoetingen, pareltjes en problemen, zij gaan het allemaal mee maken.
2014-03-25 13.29.56Het resultaat van de korte opdracht De Hoven Zutphen is drieledig. Er wordt een poster opgeleverd die een combinatie van een landkaart en een sociale kaart is. Met daarop de schatten van de wijk, zodat de bewoners zelf maar ook de toevallige bezoekers kunnen ontdekken hoe bijzonder De Hoven eigenlijk is. Sanne en Karst geven een presentatie van hun bevindingen, want als lerende onderzoekers moeten zij ook laten zien dat zij kunnen presenteren. En de opgehaalde informatie en data wordt digitaal gebundeld en overgedragen.
De komende weken zijn zij druk bezig met alle voorbereidingen voor het veldwerk. Natuurlijk worden ze overstelpt met beleidsstukken, al opgehaalde informatie en eerdere activiteiten en projecten. Toch is het de kunst om een gezonde afwisseling te vinden tussen letters en cijfers en mensen en straten. Sanne werd bijvoorbeeld verrast door de bonte kozijnen en kleuren rond het museum Boer Kip. Prachtig, die verwondering en verbazing, dat is de bedoeling van deze opdracht van het Kennislab Kort.
2014-03-25 13.13.39Mijn taak is hen te begeleiden, zodat zij over twee maanden met een goed product komen. Dat doe ik met hart en handen aan de stad. Mocht je interesse hebben in de voortgang van deze korte opdracht in de wijk De Hoven in Zutphen, reageer gewoon naar mij op mark.verhijde@gmail.com of bel mij: 06-52653005. Ook natuurlijk als je de twee studenten kunt helpen met informatie en verhalen!
Boeit zo’n korte opdracht jou en heb je wel belangstelling om zelf een korte opdracht uit te zetten bij het Kennislab voor Urbanisme? Neem dan contact op met Jan-Willem Wesselink. Zijn email is J.Wesselink@elbamedia.nl en het telefoonnummer 033-8700 100.

maandag 24 maart 2014

ZELF DOEN! BURGERPARTICIPATIE IN DE WEEK VAN DE OPENBARE RUIMTE

wor_groen_dv052_420x280Maandag 7 april 2014 begint in Kasteel De Vanenburg, Putten de Week van de Openbare Ruimte. Bedrijfsleven en gemeenten ontmoeten elkaar gedurende vijf dagen om kennis op te doen en inspiratie te putten als het gaat om de openbare ruimte.
De Week is ingedeeld in vijf themadagen, rond infra & ondergrond, groen, licht en verlichting, ontwerp & inrichting en sport & spel. Maar Maarten Bosman en ik organiseren er iedere dag de debatsessies over burgerparticipatie.
Burgerparticipatie? Hoezo burgerparticipatie op de Week van de Openbare Ruimte? Dat gaat toch vooral over beheer, ontwerp en inrichting, maar toch niet over burgers? Onzin, vinden wij. Die openbare ruimte is allang niet meer alleen van gemeenten, adviesbureau’s en aannemers. Tegenwoordig zijn het bewoners, gebruikers en bezoekers, die zelf aan de slag zijn met hun groenproject of hun tijdelijke moestuin. Tijd daarom voor een frisse wind in Putten.
2014-03-22 13.32.02Voorbeelden. Op iedere themadag houden we drie debatsessies over burgerparticipatie, naast de vele werksessies die je als bezoeker kunt meemaken. Zo komt op maandag 7 april het zelfsturingsplan Groot Merselo in Venray aan de orde, met als centrale vraag: kunnen bewoners ook in de uitvoering van een herstructurering van een straat meewerken? Op vrijdag 11 april staan de speeltuinverenigingen in Geldermalsencentraal, want hoe doen die bewoners dat beheer en wat zien we na tien jaar zelfwerkzaamheid? Ook het voorbeeld van het Buurtbeheerbedrijf Sluisdijk in Den Helder en de Unieke Brink in de wijk Wesselerbrink, Enschede komen langs. Theo van Wijk vertelt over het burgerinitiatief de Schatkamer Domplein in Utrecht en Peter Post over de pilot Particulier Speeltoestel in Almere.
Een echt debat. Alleen wat voorbeelden laten zien is niet genoeg, halverwege de werksessie is het de beurt aan de zaal. Naast vragen en opmerkingen worden de discussies gevoerd aan de hand van stellingen, die de vinger op de zere plek leggen. Want zeg nu zelf: met zo’n buurtbeheerbedrijf binnen de gemeentegrenzen ben je toch spekkoper? Of niet? Aan de hand van dit soort stellingen laten we de deelnemers, de aanwezige exposanten en de aanwezige burgers stevig met elkaar in discussie gaan.
aardvarkenVan statement naar agenda. Uit de debatsessies komen diverse statements. Maarten Bosman en ik maken daar een agenda voor 2014 van. Want praten over burgerparticipatie is leuk, maar er moet ook iets gedaan worden.
Meedoen? Inschrijven voor de Week van de Openbare Ruimte en deelnemen aan de debatsessies over burgerparticipatie gaat via de website. Acquire Publishing en ExpoProof, de organisatoren van de Week van de Openbare Ruimte, bieden een korting van € 50,- op de inschrijving voor één of meerdere themadagen. Dat betekent dat je niet € 245,- betaalt maar € 195,-. Wil je gebruik maken van deze korting? Stuur dan een email  aan Acquire Publishing. Ik hoop dat je meedoet in Putten in april.

vrijdag 21 maart 2014

ZELFBEHEER LEIDT TOT SEGREGATIE

Foto opening laatste nieuw geplaatste speeltoestelDe Participatiesamenleving komt eraan en burgerinitiatieven kun je zien als belangrijke dragers ervan. Maar kunnen bewoners dat ook allemaal aan? Gaan burgerinitiatieven in achterstandwijken er niet heel anders uitzien dan die in de wijken met veel sociaal-economische kracht?
Het voorbeeld rond de speeltuinverenigingen in Geldermalsen, waar bewoners het beheer en onderhoud van de speeltoestellen in de openbare ruimte doen, laat de verschillen in kwaliteit van speeltoestellen en speelplekken na tien jaar zelfbeheer zien. De oorzaak van die verschillen ligt in het vermogen van bewoners om zelf geld te regelen voor vervanging en nieuwe toestellen in hun speeltuin.
Al in 2003 besloot de gemeenteraad daar om het beheer en onderhoud van de speeltoestellen over te dragen aan de diverse bewonersgroepen in de wijken en dorpen. Concreet gaat het dan om de beheerbudgetten, niet om het geld dat nodig is voor de vervanging van de toestellen. De bewonersgroepen zijn toen omgevormd tot elf speeltuinverenigingen. Zij hebben als belangrijkste taak het in stand houden van veilige speelplekken en toestellen voor hun kinderen. Bijzonder is dat het gaat om openbaar toegankelijke speelplekken, zoals je ook in andere gemeenten vindt. Alleen in Geldermalsen wordt het werk gedaan door bewoners. 
Geldermalsen spelen bMaarten Bosman en ik spraken met Rogier Mulder, de voorzitter van de vereniging ‘t Speelbergje in Meteren, Geldermalsen. Hij legt uit dat de vrijwilligers van de speeltuinverenigingen een wekelijkse visuele controle houden van hun toestellen; maandelijks is er een functionele (technische) inspectie. Jaarlijks wordt samen met een door de gemeente ingehuurd bedrijf een grote inspectie gehouden. Alle speeltuinverenigingen hebben een contract met de gemeente en krijgen een jaarlijks budget voor organisatie- en reparatiekosten. Het bestuur in Meteren bestaat uit acht mensen en een flinke groep vrijwilligers.
Omdat er geen vervangingsgeld voor de toestellen is, wordt een groot beroep gedaan op de creativiteit en het ondernemerschap van de vrijwilligersorganisaties om op termijn speeltoestellen en speelplekkentuinen te kunnen vernieuwen. Oftewel, extra inkomsten vinden door subsidies en sponsoren. Voor de speeltuinverenigingen zelf betekent het dat zij sinds 2003 naarstig op zoek naar aanvullende financiële middelen, in de vorm van subsidies zoals Oranjefonds maar vooral naar manieren om sponsoren en schenkingen aan te trekken.
Geldermalsen spelen aIedere speeltuinvereniging doet dat op zijn eigen manier. Speeltuin Meteren richt zich vooral op het lokale bedrijfsleven en organiseert activiteiten om geld op te halen bij omwonenden. De speeltuinvereniging in het Middengebied van Geldermalsen, die net een groot speelterrein heeft aangelegd met nieuwe toestellen, werkt nauw samen met het lokale bedrijfsleven.
Maar er wordt ook creatief gedacht en gewerkt. Naar analogie van de bomenbank die door de ondernemer Van der Berk is opgezet voor tijdelijke bomen op het Koningsplein Tilburg denkt Rogier Mulder dat een Toestellenbank kan bijdragen aan het vernieuwen van de diverse eigen speeltuinen.
Het idee is om samen met een groot aantal andere speeltuinen een verzamelbank te maken voor het onderling uitwisselen van speeltoestellen. Op zo’n manier kunnen de speeltuinen vernieuwd worden zonder meteen nieuwe speeltoestellen te hoeven aan te schaffen. Daarvoor is het wel nodig dat de elf speeltuinverenigingen in Geldermalsen meer contact met elkaar hebben en beter gaan samenwerken. Uitwisseling van kennis en ervaringen en leren van elkaar zou de diverse activiteiten van de speeltuinen versterken.
Tegelijkertijd constateert Rogier Mulder dat dergelijke verschillen in de (financiële) mogelijkheden van de speeltuinverenigingen ook een soort segregatie tussen de wijken en kernen van Geldermalsen betekent. Niet alleen het aantal speeltoestellen per gebied kan verschillen, ook de kwaliteit en de mogelijkheden per toestel, want dat is nu afhankelijk van de vraag hoeveel geld de bewoners kunnen regelen of opbrengen. Het is in Geldermalsen niet meer zo dat ieder kind dezelfde speelmogelijkheden heeft.
Geldermalsen spelen gHet voorbeeld van de speeltuinen in Geldermalsen is bijzonder, omdat het een extra dimensie toevoegt aan de vraag in hoeverre maatschappelijke initiatieven en activiteiten voor meer mogelijkheden voor burgers zorgen. Worden er geen mensen buitengesloten? Kunnen alle burgers meedoen? In Geldermalsen kan dat wat betreft de werkzaamheden – het in stand houden van de speelplekken en -toestellen, wat nu al door wijkbewoners gedaan wordt. De verschillen in speelplekken en speeltoestellen ontstaan omdat men nu zelf moet zorgen voor de investeringen voor vervanging en vernieuwing. In de wijken en kernen waar dat vermogen om zelf die investering te kunnen regelen ontbreekt groeien kinderen op met minder speeltoestellen en kwalitatief mindere speelmogelijkheden. Dat noemen we segregatie als het om wonen gaat, maar sinds Geldermalsen dus ook als het om spelen gaat.
In Buitenspelen 2014-1 verschijnt een uitgebreid artikel over de speeltuinverenigingen in Geldermalsen Ook tijdens de Week van de Openbare Ruimte (7 t/m 11 april te Putten) wordt op vrijdag 11 april tijdens de Participatiekamer het debat gevoerd over de voor- en nadelen van zelfbeheer van speeltoestellen, met als voorbeeld de situatie in Geldermalsen.